Zolang we maar geen vitrage voor de ramen hangen

Het is half twaalf in de avond en ik sta lichtelijk gestrest voor een deur van een guesthouse in Hiroshima, Japan. “Waarom denk ik nooit verder na dan de komende uren?” Ik ben veel te laat met inchecken, heb geen internet en ik sta voor een dichte deur. Terwijl ik nadenk over de opties buiten slapen of terug naar de stad zie ik dat er achter één raam nog licht brand. Ik klop op het raam en hoop dat die persoon nog wakker is. En dan gaat de deur open.
Lees verder “Zolang we maar geen vitrage voor de ramen hangen”



Knipperende lampjes, geluiden van speelautomaten en muziekanten op de straat, auto’s met platte neuzen, hondjes met aparte kapsels, een meisje met een konijnenmuts op haar hoofd waarvan de oren bewegen, een taal die ik zelden gehoord heb, mensen die netjes in de rij gaan staan voor de metro, vreemde geuren. Mijn eerste uren in Tokyo zijn een beetje overweldigend. Toen ik een hostel zocht in Tokyo ging ik voor goedkoop en dicht bij een groot treinstation. Nu blijkt dat ik midden in Shinjuku zit, het bruisende uitgaansgedeelte van Tokyo.